Woonschip De Witte Raaf

_-1976-img405

Door: Jaap Stam

Witte verf over deurwaarder

Op een zaterdag in de jaren zeventig klopte een deurwaarder aan bij De Witte Raaf, Kees Hoekert had zijn studiebeurs niet terugbetaald. Die gooide een pot witte verf over de deurwaarder, maar dat kon de veiling van woonboot niet verhinderen. Vrienden van Hoekert hebben de boot teruggekocht, waardoor hij kon blijven wonen.

 

Een woeste geschiedenis

De Witte Raaf, de woonboot van Hoekert, heeft een woeste geschiedenis. Daar werd de kiem gelegd van het gedoogbeleid voor softdrugs en is de rookbom gefabriceerd die naar de trouwstoet van Beatrix en Claus werd gesmeten.

img189

Aanslagen

Drie branden hebben er gewoed, waarvan twee het gevolg waren van een aanslag. Een omgewaaide iep verpletterde vroeg in de ochtend in de herfst van 2006 het dak van het vooronder terwijl Hoekert lag te slapen in het achteronder. Hoekert en zijn slaapplaats bleven ongedeerd.

 

Eerste woonboot Nw. vaart

In de jaren zestig voer Hoekert met De Witte Raaf de Nieuwe Vaart op, het water dat vanaf het Scheepvaartmuseum langs de oostelijke Eilanden loopt. Schuin tegenover het politiebureau Kattenburg aan de Wittenburgergracht ging hij voor anker. Het voormalige turfschip werd zijn woonboot, de eerste in de Nieuwe Vaart.

 

Openbare marihuanaplantjes

Nog geen tien jaar later stonden marihuanaplantjes in potjes uitgestald over de hele Witte Raaf. Het was voor het eerst in Nederland dat in het openbaar een plant te koop werd aangeboden die in gedroogde vorm voorkwam op de lijst van verboden middelen.

Een bonte stoet bezoekers hoorde in de loop der jaren aan boord snaakse verhalen aan over het telen van hennep, het roken van wiet, de Lowlands Weed Company, het tarten van de autoriteiten en rookte er een jointje. De Witte Raaf was een clubhuis voor gelijkgestemde blowers. Hun welbespraakte gastheer klopte met een zeepklopper de blaadjes van de takjes van de hennepplant. Pils moest je zelf meenemen.

woonboot-boomhut
img267

Tekenaar Arthur IJzerdraat

Arthur IJzerdraat was er elke dag te vinden. Die huurde van Hoekert een boot  iets verderop en betaalde dagelijks met een paar flesjes bier. Totdat hij doodgevroren werd aangetroffen op zijn boot

 

In lichterlaaie

Dat De Witte Raaf slechts drie keer in brand is gevlogen, mag een wonder heten. De vier pitten van het fornuis liet Hoekert ’s winters branden als de gaskachel de boot niet warm gestookt kreeg.

De eerste keer dat er brand uitbrak was in 1977, toen een brandbom naar binnen werd gegooid. De schade bleef beperkt. De geblakerde boomstam waarop het dak steunde, heeft jarenlang herinnerd aan die brand. Hoekert had er kattebelletjes en aanmaningen van de belastingdienst op geprikt.

In de lente van 1998 zette Hoekert vijf waxinelichtjes in de koelkast om die te ontdooien, waarna hij naar de slijter toog. Door de hitte van de kaarsjes vloog een plastic zak boordevol wegwerpaanstekers in brand, achtergelaten door bezoekers die wiet hadden gerookt op De Witte Raaf. De aanstekers ontploften en zetten het schip in lichterlaaie.

Video: Cor Jaring vertelt over de aankomst van Kees Hoekert met zijn boot in de Wittenburgergracht.

Wietplantjes tussen het onkruid

De laatste brand, in 2014, was net als de eerste het gevolg van een ruzie. Een junk, overgoot De Witte Raaf met benzine en stak hem in de fik. De boot brandde helemaal uit en was onbewoonbaar. Hoekert woonde toen al enkele jaren in Elburg.

Bij een van de branden fikten de langs De Witte Raaf afgemeerde piepschuimen vlotten van Robert-Jasper Grootveld af tot aan de waterlijn. Tot Hoekerts stomme verbazing groeide er allemaal wietplantjes tussen het onkruid.

Het water onder de boot noemde Hoekert zijn ‘onderwater museum’. Geen overdreven benaming, vier boten met elk vijftig ton bagger en afval zijn in 2016 afgevoerd nadat De Witte Raaf en de drijvende tuinen waren weggesleept.

 

Zingend, bulderend, schreeuwend en grommend

In het begin van deze eeuw raakte De Witte Raaf vervallen. Op de voorplecht ontving Hoekert nog maar spaarzaam bezoek. Hij zat nog vol verhalen, al kon hij zich steeds minder herinneren.

Acteren was hij niet verleerd. Brede armgebaren, gedragen stem, zingend, bulderend, schreeuwend en grommend, dan weer fluisterend – en altijd onvoorspelbaar, het bleef puur theater. Rondvaartboten hielden even in, Hoekert zwaaide vrolijk als hij goed gemutst was.

Aan de straatkant was De Witte Raaf toen al aan het zicht onttrokken door het struikgewas op het talud aan de Witteburgergracht, waar een bruidssluier ongeremd tussendoor was geklommen. ’s Winters kon je door de kale takken het oude verkoopbord zien: ‘one plant one guilder’. Dat hield verrassend goed stand op de verveloze schuit. De knoestige plank met in grote cursieve kapitalen ‘K. Hoekert’ – ooit een fier naambord – lag troosteloos tussen de struiken.

boot-lowland-weed-comp-vergaan

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *